De artsen weten nog niet hoe FNS ontstaat. Er zijn op dit moment 2 theorieën die proberen uit te leggen wat er gebeurt bij FNS.
Doorgeschoten bevries-reactie
De bevries(& overbeweeglijkheid)-reactie is net zo oud als de conversiestoornis-theorie. Rond de eerste wereldoorlog kwam een zenuwarts met deze theorie door wat hij zag bij soldaten. Helaas kreeg Freud met zijn conversiestoornis meer gehoor en verdween de bevriestheorie. Tot een tijd terug.
Om de bevries-reactie uit te leggen moeten we starten met een klein lesje biologie. Elk dier heeft in principe 3 standaard stress-reacties als het in gevaar is: vechten, vluchten of bevriezen (verstijven). Soms is er één duidelijke reactie: honden vechten als ze een vijand zien, herten vluchten en opossums bevriezen (waardoor ze dood lijken). Mensen zullen het meest ‘kiezen’ voor vechten of vluchten, dat zit in onze natuur. ‘Kiezen’ staat tussen aanhalingstekens want we kiezen niet echt, het is een automatisme van ons onderbewustzijn. Afhankelijk van wie je bent, wat je hebt meegemaakt en geleerd én de situatie kiest je onderbewuste voor 1 van de 3.

Maar soms bevriezen we ook terwijl dit niet de normale ‘keuze’ is. Denk aan een hert dat in het donker de weg oversteekt terwijl er een auto aankomt met de koplampen aan. Het hert schrikt van de auto, maar in plaats van te vluchten, wat herten normaal horen te doen, blijft het verstijft in de koplampen staren. De stress-reactie zorgt voor een bevriezing. Bevriezen is zelden de beste ‘keuze’, het hert brengt zichzelf ernstig in gevaar, maar soms is dit hoe ons onderbewustzijn reageert.
De vecht-vlucht-bevries reactie op stress kan op allerlei momenten opspelen. Op logische momenten: wanneer je oversteekt en een auto komt op je af zonder af te remmen dan vlucht je: een sprintje naar de overkant om bij de auto weg te komen. Of wanneer je aangevallen wordt door een hond en automatisch van je af schopt. Maar soms is de reactie een beetje overdreven, denk aan de keer dat je opsprong toen iemand onverwacht een hand op je schouder legde. Je onderbewustzijn sprong naar standje ‘vechten’ terwijl je niet in gevaar was.
De vecht-vlucht-bevries reactie stopt zodra je niet meer in gevaar bent. Je ziet de collega die haar hand op je schouder legde en je ontspant meteen. Je staat op de stoep, de auto raast langs en je ontspant. Je trilt even na, de adrenaline moet nog even uit je lijf maar daarna ga je gewoon door. Het voorval is niets meer dan een verhaal voor thuis bij het eten, je lijf en hoofd gaan weer over op standje ‘normaal’.
FNS is de bevries-reactie die niet meer stopt. Bij het grootste deel van de patiënten is er een ‘uitlokkende factor’, een gebeurtenis of moment dat de eerste FNS-aanval heeft uitgelokt. Een ongeluk, ziekte, verlies van een geliefde, operatie, psychische problemen. Het is een moment geweest waarop je onderbewustzijn heeft besloten dat jij/je lijf in gevaar was en dat het tijd was te kiezen voor vechten, vluchten of bevriezen. Alleen, vechten of vluchten kan zelden in deze situaties. Van ziekte, een overlijden of emoties kun je niet vluchten en je kunt er niet letterlijk tegen vechten met je vuisten. Dus kiest je onderbewustzijn voor de enige optie die overblijft: bevriezen. Je lichaam en hoofd werden letterlijk uitgezet. Je viel flauw, kreeg verlammingen, kon niet meer praten. Je bevroor.
Wanneer dit bevriezen eenmalig is, is er geen probleem. Dit zie je zelfs heel veel: een moeder die hoort dat haar kind is overleden kan urenlang niet meer praten en zakt door haar benen heen. De stress-reactie is bevriezen. Maar er komt een moment van herstel en de reactie blijft daarna weg. Bij FNS gaat de reactie niet meer weg. Het lijf blijft in de bevries-stand staan en de verlamming, de spraakproblemen of blindheid blijven. Of de reactie verdwijnt wel, maar komt terug zodra het lichaam stress waarneemt. Élke vorm van stress. Teveel geluid om je heen van een spelend kind wordt als gevaar gezien en meteen bevries je weer. De gedachte dat je boodschappen moet doen want het brood is op, is een ‘moeten’, dus het geeft stress, je onderbewustzijn merkt de stress, denkt dat je in gevaar bent en dus bevries je.
Het tegenovergestelde van bevriezen, is overbeweeglijkheid. Dit komt voort uit dezelfde reactie. Denk even aan kippen in een kippenhok, waarbij de vos binnensluipt. Alle kippen gaan in één grote fladderende tornado door het hok heen, er zit geen logica in, het is niet adequaat. Beweging puur om het bewegen. Dit is wat klachten veroorzaakt zoals trillingen, schokken, stuiptrekkingen. Het is een reactie vanuit overbeweeglijkheid.
Hierom is directe behandeling zo belangrijk. Je onderbewustzijn moet snappen dat er geen gevaar is, en je lijf mag niet wennen aan deze bevriesstand. Hoe langer behandeling uit blijft, hoe meer je lichaam went en hoe moeilijker het is om de nieuwe reacties weer af te leren naar hoe het ‘normaal’ hoort te gaan.
Verwachtings-theorie (predictieve verklaringsmodel)
Een onderzoek uit 2018 komt met een predictief verklaringsmodel. Het Engelse ‘to predict’ betekent voorspellen of verwachten. Bij deze verwachtings-theorie wordt gedacht dat er een probleem is tussen wat je doet en wat je hersens onbewust verwachten dat je moet doen. Neem als voorbeeld een pak melk dat je uit de koelkast pakt. Je verwacht dat het een vol pak is want je hebt zelf nog geen melk gebruikt, dus je hersens vertellen je armspieren dat ze precies genoeg kracht moeten zetten zodat jij probleemloos een vol pak melk kunt pakken. Maar… het pak blijkt bijna leeg (je broer heeft alles al opgedronken). Je hand mét het pak melk schiet omhoog en stoot tegen het schapje erboven. Je hebt veel meer kracht gezet dan nodig, want de verwachting klopte niet met de realiteit.
De theorie stelt dat bij FNS deze verwachting verstoort is. Je hersens verwachten dat je benen het niet doen, en dus kun je niet lopen. Je hersens verwachten dat je ogen het niet doen, en dus zie je niets. Dit gebeurt volledig onbewust, je hebt zelf geen invloed op deze verwachting en de aansturing van je spieren. Simpelweg denken: ‘oh, ik verwacht iets verkeerd’ is helaas geen oplossing.
Hoe deze theorie de rest van de klachten verklaard, zoals schokken, tintelingen, stuiptrekkingen of functionele aanvallen, weten we niet. Daar lezen we tot nu toe niets over.
Slechts 2 theorieën
Dit zijn slechts 2 theorieën. Wat er nu echt gebeurt bij FNS en waarom, dat weten we nog niet zeker. We zullen moeten wachten op meer onderzoek als we definitieve antwoorden willen.
